BSA plant nieuwe actie tegen illegale software

(zie ook: de procedure van een controle, softwarelicenties in de praktijk, doe mee aan de 'Vraag van de Maand' en geef ons uw mening over deze controles)

BSA of de Business Software Alliance plant een nieuwe actie tegen illegaal software-gebruik in de grafische industrie. BSA heeft dat blijkbaar aan Febelgra gemeld en Febelgra heeft daarop geanticipeerd met een info-avond in Antwerpen rond illegale software. Er waren drie sprekers: Patrick Viaene van Microsoft als vertegenwoordiger van BSA, Prof. Ir. Luc Golvers als gerechtelijk deskundige en Mr. Herman Buyssens, secretaris van de Orde van Advocaten van Antwerpen, als advocaat. Deze aankondiging van BSA is uiteraard een belangrijke boodschap voor de grafische bedrijven.

Wanneer wordt door BSA actie ondernomen?
Niet zomaar, er moeten werkelijk gronden zijn om een procedure op te starten. Meestal is dat een leverancier zware vermoedens heeft dat, zoals hoger reeds uitgelegd, een bedrijf niet over alle nodige licenties beschikt (vergelijking website bedrijf met aangekochte licenties), of is het een ex-werknemer of een afgewezen leverancier, die een actie suggereren bij de BSA. Er is een wettelijke titel nodig om een inval in een bedrijf te mogen doen. Dat wordt door BSA aangevraagd bij de beslagrechter van de rechtbank.

Wat is illegaal?
Een software is illegaal als het bedrijf er geen licentie voor heeft. Er zijn meerdere vormen van illegale software:
• onjuist gebruik van de licenties;
• aangekochte namaak-software (vaak goedkoop aangeboden via internet);
• harddisk loading;
• maken van interne copies van software.
“Harddisk loading” gebeurt wanneer leveranciers van computersystemen PC’s verkopen met reeds geladen software zonder licentie.Dit kan meerdere vormen aannemen, inbegrepen niet-gelicentieerd kopiëren, vervalste producten of overladen van harde schijven.

BSA trekt er de aandacht op dat er software-tools bestaan om te beletten dat er illegale software zou geladen of gekopieerd worden.
Het spreekt vanzelf dat een grafisch bedrijf, dat werkt met illegale software, grote risico’s loopt, niet alleen financieel (een “bezoek” van BSA is zeer duur, gemiddeld 31.500 euro + de kosten van de te legaliseren software, samen vaak meer dan 50.000 euro), maar ook operationeel (stilleggen van het bedrijf wanneer de computers verzegeld of meegenomen worden). Daarnaast riskeert men ook gerechterlijke vervolging en krijgt de reputatie van het bedrijf een ferme deuk.

Excuses en maatregelen
BSA signaleert dat volgende excuses nogal frequent worden opgegeven en geeft daar zijn korte commentaar bij.
• “Ik wist het niet...”: toch is het management verantwoordelijk en er zijn middelen om dit te vermijden.
• “Mijn leverancier houdt mijn licenties bij...”: wanneer men een niet te vertrouwen leverancier heeft, is dat erg, maar het grafisch bedrijf blijft eveneens verantwoordelijk. Alle grote en gekende software- en hardware-leveranciers zijn te vertrouwen, dus... daar kopen.
• “Software is zo duur!”: studies hebben uitgewezen dat de kosten voor software slechts 1-3 % van de personeelskosten uitmaken.
• “Wij gebruiken dit programma nooit!”: indien dit zo is, verwijder het dan. Maar het bezit is illegaal!
• “Wij hebben niet de tijd om voortdurend te controleren of er ergens illegale software is binnengeslopen”: het BSA biedt gratis of betalende SAM-tools aan (Software Asset Management). Ook Microsoft heeft een dergelijke tool “MSIA” (Microsoft Inventory Analyzer Software).


Mogelijke procedures
Een strafrechterlijke procedure, die ook automatisch strafrechterlijke gevolgen zou kunnen hebben. Deze procedure biedt weinig controle en is niet zo effectief en wordt dan eerder zelden toegepast.
De burgerlijke procedure, die echter nadien – indien vereist – ook nog een strafrechterlijk gevolg kan hebben. Deze procedure kan vrij snel gebeuren en er is meer controle op (waar in bedrijfskringen aan getwijfeld wordt!) en 98 % van deze procedures loopt uit op een minnelijke schikking. Wat verstaanbaar is gezien de gebruikte dure en intimiderende onderzoekmethodes en het weinig verhaal dat een bedrijf daarbij heeft tegen de procedure. Het is deze methode die door de BSA wordt toegepast.

Hoe gebeurt een onderzoek?
Vermits de beschrijving van het onderzoek op zich vrij uitgebreid is, kan u ze in een apart artikel terugvinden.

De minnelijke regeling
Een minnelijke schikking is hoe dan ook een dure zaak. Voor alles, wat als illegaal wordt aangetroffen, wordt een schade aangerekend, soms 200 maal de prijs van de licentie. Tijdens het opmaken van het verslag en het volledige onderzoek kunnen de procedurekosten hoog oplopen, meestal ligt dat tussen 5000 en 10 000 euro. In elk geval moet het bedrijf de volledige illegale toestand laten regulariseren en moeten de normale programma’s aangekocht worden.

Inbeslagnname
Een inbeslagname of verzegeling is slechts mogelijk indien de beslagrechter dit mogelijk heeft gemaakt en gebeurt onder verantwoordelijkheid van de eiser. Het is niet de deskundige die dit kan vragen of beslissen. Verzegeling kan voor de onderzoekers nodig zijn indien bewijzen nog dienen bewaard te worden of indien nog bijkomende vragen dienen gesteld en beantwoord te worden, indien gewiste bestanden nog dienen onderzocht te worden of indien er een gerechterlijke kopie van de schijven moet genomen worden. De deskundige wordt niet verondersteld de illegale software te verwijderen.

Commentaar van meester Herman Buyssens
Meester Buyssens begon met een merkwaardige uitspraak: “Een controle van de BSA is erger dan een controle van de arbeidsinspectie!”. De “burgerlijke huiszoeking” is een eerder ongebruikelijke procedure in ons rechtssysteem. Het is een uitzondering op de normale regels inzake bewijsvoering. Het is tevens een door de onderzoekers strikt toegepaste interpretatie van deze regels. Het beschrijvend verslag moet de confidentialiteit en de privacy van het bedrijf eerbiedigen.

Praktische valkuilen en problemen
De beslagrechter heeft met het opstellen van zijn beschikking een grote verantwoordelijkheid, hij legt de contouren van het onderzoek vast. De meeste beslagrechters kennen weinig van informatica zodat zij niet kunnen oordelen over de “goede en objectieve” bronnen die door de BSA aan de beslagrechter worden meegedeeld. Zelfs in het bezit van weinig gegevens mag de beslagrechter het onderzoek “op het eerste gezicht” toestaan. De beslagrechter kan meerdere maatregelen opleggen zoals bv. verzegeling en inbeslagname. Dagvaardig in verzet moet in Delaware (USA) gebeuren, wat – zoals hoger reeds gezegd – een zeer dure zaak kan worden.

Het is belangrijk dat het bedrijf tijdens het onderzoek het hoofd koel houdt. Bij de start moet het bedrijf de beschikking van de beslagrechter nakijken en een strikte toepassing ervan eisen. Alleen personen, nominaal vermeld in de beschikking, mogen deelnemen en het bezochte bedrijf mag aan andere personen de toegang weigeren.Er mag alleen onderzocht worden op de plaatsen die door de beschikking zijn aangeduid.De deskundige mag alleen beschrijven wat hij heeft vastgesteld, maar mag geen oordeel vellen over de al of niet rechtmatigheid.De verzegeling van de computerapparatuur of de meeneming van data en/of informatiedragers wordt zelden toegepast, maar kan in de hand gewerkt worden door het eventueel niet goed meewerken van het bezochte bedrijf.Bedreigingen met strafvervolging kunnen een misbruik zijn en mogen in principe niet gebeuren.Normaal wordt een “dading” of een minnelijke regeling voorgesteld en onmiddellijk besproken.

De tussenkomst van de advocaat
Een advocaat van de onderzoeker, die aanwezig is bij de uitvoering van het beschrijvend verslag en die op de achtergrond blijft, is toegelaten, maar wanneer die advocaat actiever is of wil zijn dan moet hij over een bijzonder mandaat beschikken. Het bewijs van zijn volmacht mag gevraagd worden, zeker voor het sluiten van een dading, want daarvoor is een bijzonder mandaat nodig. In elk geval mag het bedrijf zich niet laten intimideren. Er zijn inderdaad klachten hangende bij vier stafhouders over het optreden van advocaten van de eisers. die klachten lijken vooral betrekking te hebben op intimidatie en op de vordering van een eigen ereloon van de advocaat.

Verzet voor de beslagrechter
Er kan verzet aangetekend worden voor de beslagrechter voor opheffing wegens rechtsmisbruik, onevenredigheid of doelafwending (zgn. fishing expedition of m.a.w. zonder goed te weten wat men zoekt, toch maar komen om te zoeken). Er kan ook verzet aangetekend worden wanneer door de onderzoekers geen rekening gehouden wordt met de beperking van de beschikking of bij afwezigheid van de zgn. “objectieve bronnen”.

De gerechtelijke controle op de beschrijvende verslagen van de onderzoekers is vrij klein, daar er meestal een minnelijke regeling wordt getroffen. De eisers treden daarom nogal drastisch op, zij kunnen zich dat blijkbaar permitteren. De bedrijven verdienen meer bescherming, want de burgerlijke vordering voor schadevergoeding bij de bodemrechter is tijdrovend en zeer duur. Mogelijke reacties kunnen gebeuren wanneer er duidelijk valsheid in geschrifte, afpersing en misbruik van titel of ambt kan aangetoond worden.

Tegenover de houding van de advocaten van de eiser zijn klachten bij de stafhouder of de tuchtraad van de advocaten mogelijk, vooral als er zaken gebeuren die niet stroken met de deontologie van de advocaat, zoals optreden als advocaat en als bijzonder mandataris en dan terug als advocaat, plus onwettig handeldrijven (vragen van een apart ereloon).

Korte commentaar VIGC
Het was een zeer interessante informatie-avond, maar op een belangrijk (het belangrijkste?) probleem van de grafische bedrijven werd niet ingegaan, nl. het font-probleem. Is er een duidelijke handelwijze uitgestippeld die bepaalt wat legaal of illegaal is bij het gebruik van fonts in de soms vrij complexe productiecyclus van een drukwerk? Daarover bestaat nog geen eensluidende mening! Geen van drie panelleden was blijkbaar voldoende op de hoogte en men kan zich afvragen hoe daar dan over geoordeeld wordt bij een onderzoek. Het panel gaf dan aan Febelgra de raad om daarover met de leveranciers van letterfonts overleg te plegen  en gezamenlijk een code op te stellen, die dan als leidraad zou kunnen dienen. Febelgra zou daar de nodige initiatieven voor nemen.

Om u toch een antwoord te geven op die belangrijke vraag, heeft het VIGC de gebruikerslicenties van enkele belangrijke softwarepakketten en fontleveranciers uitgeplozen! Het resultaat van onze zoektocht vindt u hier.

Erik Steuperaert

 

Strategische partners VIGC:
Oce